In veel conservatief christelijke kringen zijn er duidelijke opvattingen over gedrag dat wel en niet gepast is als je een christen bent. Zo zijn er ook opvattingen die te maken hebben met seksueel gedrag, wat wel en niet Gods bedoeling is met seksualiteit. Het komt vaak voor dat christenen deze opvattingen aannemen als absolute waarheid van God terwijl het eigenlijk opvattingen zijn die door de tijd heen hun vorm hebben gekregen en per cultuur mogelijk sterk verschilden. Hangen we wellicht opvattingen aan zonder te begrijpen waarom ze zijn ontstaan en waar ze vandaan komen? Zo ontstond de ‘purity movement’ bijvoorbeeld als reactie op de seksuele revolutie in de jaren 60, waarover in een ander artikel meer. In dit artikel beschrijf ik hoe de opvattingen over seksualiteit in het christendom zijn gevormd in de eerste eeuwen na Christus. We zullen onze reis beginnen bij de oude Grieken, daarna door naar de kerkvaders rond de 4e eeuw en als laatste komen we bij Martin Luther en de Reformatie.


Photo by Shoaib SR on Unsplash


Plato (428-348 v.C.) en Aristoteles (384-322 v.C.) zijn twee van de grootste filosofen uit de Griekse oudheid. Ze hebben veel invloed gehad op de opvattingen die heersten in de tijd van Jezus, maar ook een aantal eeuwen ervoor en erna. Het belangrijkste aspect van hun filosofie was dat de wereld van de gedachten en ideeën superieur was aan de tastbare wereld. Ze zagen de geest en ziel als gevangenen van het lichaam. Omdat het lichaam gevangen is in tijd en plaats en de ziel en de geest niet werd de ideeënwereld gezien als de absolute realiteit. Menselijke behoeften en verlangens waren slechts een afleiding waar tegen gevochten moest worden (Farley, 2006). Het was immers het hoogste goed om je met intellectuele en geestelijke zaken bezig te houden. Bij andere Griekse filosofen ontstond een wantrouwen tegenover seksuele verlangens, en werd seksueel genot gezien als het meest inferieure menselijke verlangen van allemaal (Wiesner-Hanks, 2000). Dit onderscheid tussen het lichaam en de geest wordt ook wel de ‘mind-body split’ genoemd. Dit is het begin van dualistisch denken; het denken in twee uitersten waarvan één van beiden vaak als ‘goed’ of ‘fout’ wordt bestempeld. Vooral Plato is degene geweest die het meest invloed heeft gehad op deze manier van denken (Farley 2006). Het werd een rode draad in de Westerse filosofie en uiteindelijke zouden ook veel christelijke denkers deze ideeën aanhangen en integreren in hun theologie (zie Foucalt 1978-85 vols. 1-2).

De kerkvaders Origen (185-254 n.C.) en later ook Augustinus (354-430 n.C.) raakten ervan overtuigd dat het denken van Plato en Aristoteles goed gebruikt kon worden om mensen naar het geloof in Jezus Christus te ’trekken’. Ze hadden niet de intentie om mensen misschien wel juist van het geloof in Jezus af te brengen, maar de filosofische ideeën van met name Plato zorgden voor het ontstaan van een alternatieve versie van het geloof, en verdunde en verwaterde versie met een grote nadruk op hiërarchie (Schermer Sellers, 2017). Dit is ook de periode waarin het christelijke kloosterleven ontstond met als belangrijkste ideeën zelfverloochening en ascetisme: een levensstijl waarbij je alle menselijke verlangens en zintuiglijk genot aflegt met als doel om geestelijk leven na te streven. Kloosters met houten stoelen en houten bedden, geen lekker eten, geen eigen bezit en celibatair leven. Je kent het misschien nog wel vanuit de geschiedenisboeken. In de vierde eeuw werd met name celibatair leven de hoogste manier om te laten zien dat iemand zijn lichaam onder controle had, en zijn zintuigelijke leven had onderworpen aan het geestelijk leven. Men zag deze vorm van onthouding zelfs als bijna gelijk aan de deugd van een martelaar die de dood in de ogen keek. Mensen die dit konden werden gezien als helden. Zo werd seksuele onthouding een van de belangrijkste kenmerken en symbolen van de religieuze elite. Dit gaf hen een machtspositie om politieke invloed uit te kunnen oefenen zowel in het christendom als in de maatschappij (Brown, 1988).

De kerkvader die vrijwel de meeste invloed heeft gehad op het christendom en het ontstaan van de bijbehorende seksuele ethiek is Augustinus van Hippo (354-430 n.C.) . Voordat hij een hij een christen werd zat hij bij een religieuze gemeenschap die het christendom, gnosticisme en platonisme (het denken van Plato) en andere denkbeelden met elkaar combineerden. Er was sprake van dualistisch denken (de ‘mind-body split’) en ascetisme, het je onthouden van zintuiglijk genot. Dit heette het Manicheïsme. Manicheeërs geloofden dat seksuele verlangens aangeboren kwaad waren en dat voortplanting een manier was om de ziel gevangen te houden. Er bestond een soort hiërarchie in deze gemeenschap, waarin de beste gelovigen ’the Adepts’ werden genoemd. Zij waren zo bedreven in geheelonthouding dat ze naast het zich onthouden van alle seksuele activiteit óók geen seksuele gedachten meer hadden (Wiesner-Hanks, 2000). Augustinus koesterde een sterke afkeer tegenover zichzelf omdat het hem maar niet lukte om dit niveau van zelfdiscipline te halen. Toen hij een bisschop werd heeft hij deze religieuze gemeenschap en hun denkbeelden afgewezen, maar uit zijn literaire werken blijkt duidelijk dat Augustinus erg beïnvloed bleef door het aangeleerde wantrouwen jegens seksuele activiteit en seksueel verlangen. Hij geloofde dat seksueel verlangen het meest oneerbare menselijke verlangen was en dat dit verlangen het resultaat was van de ‘human sinfulness’ en ongehoorzaamheid aan God. Alleen door Gods genade kon je deze menselijke zwakte overwinnen. Augustinus had een vrij negatief mensbeeld. ‘Original sin’ (het concept dat elk mens de zonde van Adam en Eva bij de geboorte ‘erft’) werd volgens Augustinus doorgegeven door sperma, iets wat door de seksuele verlangens onvermijdelijk was. Merry Wiesner-Hanks schrijft hier in haar boek Christianity and Sexuality in the Early Modern World verder over.


Heilige Augustinus van Hippo met brandend hart en gelovige, Schelte Adamsz.
Bolswert, naar onbekend, 1596 – 1659 – www.rijksmuseum.nl


Ook was Augustinus een vrouwonvriendelijke kerkvader, net als de meeste andere kerkvaders, wat voor die tijd helaas vrij ‘normaal’ was. Augustinus zei dat het goed was dat vrouwen zich onderwerpen aan de man, want volgens hem waren alleen mannen geschapen naar het beeld van God. In zijn Contra Mendacium schrijft hij: “The body of a man is as superior to that of a woman as the soul is to the body.” (Augustinus, uit Wiesner-Hanks, 2000). Ook beschrijft hij dat elke vrouw een verleidster is en dat hij niet begrijpt wat het nut van een vrouw is naast het baren van kinderen. Origen, een andere kerkvader, zei dat mannen niet naar vrouwen moeten luisteren, ook al zegt ze bewonderenswaardige of zelfs geestelijke dingen. Het is allemaal niet belangrijk, want het komt uit de mond van een vrouw (Origen, uit Jenkinds 1908, 241-2). Tertullianus (155-245 n.C.) schreef nog schokkendere dingen. Hij beschrijf dat elke vrouw een Eva is en grote schuld moet voelen tijdens haar bestaan. Ze is immers de poort van de Duivel (die niet moedig genoeg was om de man te verleiden), en heeft door het ontzegelen van de verboden boom God’s beeld vernietigd: de man. Door haar heeft zelfs de Zoon van God moeten sterven! Vervolgens sluit hij zijn statement af met een spottende opmerking over dat de vrouw het blijkbaar nodig vind om zichzelf mooi te maken, om zich ’te versieren boven de tunieken van huid’.


What is the difference? Whether it is in a wife or a mother; it is still Eve the temptress that we must be aware of in any woman… I fail to see what use woman can be to a man, if one excludes the function of bearing children.” (Augustinus, uit Brundage 1987, 85)


Zo’n afgunst tegenover vrouwen is natuurlijk best ongunstig voor het ontwikkelen van een gezonde seksuele ethiek, en fijne (seksuele) omgang tussen man en vrouw. Hierdoor is door de tijd heen mogelijk geïnternaliseerde superioriteit bij mannen en geïnternaliseerde minderwaardigheid bij vrouwen ontstaan wat heeft bijgedragen aan een (ongezonde?) hiërarchische verhouding tussen mannen en vrouwen. Ook tijdens de Reformatie bleef er een negatieve houding tegenover seksueel verlangen en vrouwen. Het lichaam, verlangens en eigen ervaringen werden gezien als onbetrouwbaar, irrelevant, primitief en gevaarlijk (Schermer Sellers, 2017). De ‘mind-body split’ bleef in stand. Tegen deze tijd werd het huwelijk gezien als een noodzakelijk kwaad, een middel tegen iemands verstoorde zin in seks. Hoewel het huwelijk werd gezien als iets goed, en seks binnen het huwelijk ook, bleef er een negatieve houding. Ook bleef de gedachte dat de vrouw minder waard was dan de man. Zo schreef Martin Luther*:


“The woman certainly differs from the man, for she is weaker in body and intellect. Nevertheless Eve was an excellent creature and equal to Adam so far as the divine image. … Still, she was only a woman. As the sun is much more glorious than the moon (though also the moon is glorious), so the woman was inferior to the man both in honor and dignity, though she, too, was a very excellent work of God.” (Luther, 1904, 124)


Volgens Luther zijn vrouwen lichamelijk zwakker en dommer, en ondergeschikt aan de man in eer en waardigheid. Hij probeert het nog een beetje te verbloemen door te zeggen dat de vrouw ook een mooi werk van God is, maar toch minder mooi dan man man; zoals de zon vele malen mooier is dan de maan. Volgens Margaret Farley was er in deze tijd ook ‘christelijke’ seksuele ethiek beschreven in de penitentialen (boeteboeken); de handleidingen die werden gebruikt bij het biechten. De kerk kwam met gedetailleerde lijst met seksuele zonden en de voorgeschreven boetedoeningen. De zonden op deze lijst waren: vreemdgaan, seks voor het huwelijk, orale en anale seks, en ook zelfbevrediging en bepaalde seksposities die werden gezien als afwijkingen van de norm en niet volgens Gods bedoeling (Farley, 2006, 41).

Eigenlijk is het best opmerkelijk hoe de ontwikkeling van seksuele ethiek in het christendom is verlopen. Soms lijken de waarden die Jezus verkondigde; van liefde, genade en rechtvaardigheid, ver te zoeken. De verhalen die we kennen over de relaties die Jezus had met vrouwen staan ook erg in contrast met de uitspraken van de kerkvaders over vrouwen en hun waarde. Daarbij is het ook gek dat christenen door de eeuwen heen het lichaam tot een vijand hebben gemaakt, terwijl Jezus, Zoon van God, een vleesgeworden mens is. God gebruikt de menselijke vorm, het lichaam, als middel van verlossing (Brown, 1988). Dat is een hele andere boodschap dan die van de ‘mind-body split’. Daarnaast zorgt de dualistische manier van denken voor een hiërarchie, en is daarbij erg vatbaar voor machtsmisbruik en onrechtvaardigheden (Schermer Sellers, 2017). De Deense filosoof en theoloog Kierkegaard (1813-1855) merkt hierover op dat een dergelijke structuur van hiërarchie en mogelijk machtsmisbruik binnen de kerk wel erg lijkt op de religieuze en politieke structuren in de tijd van Jezus, terwijl Hij die juist afkeurde en terechtwees.


Photo by Ian on Unsplash


Hoe kan het dan dat deze boodschappen toch zijn ontstaan en bij ons moderne christenen terecht zijn gekomen? Een verklaring hiervoor is dat het Nieuwe Testament is geschreven over een periode van een eeuw. In honderd jaar is er genoeg tijd waarin de ethische en morele boodschappen van Jezus (deels) veranderd of verwaterd kunnen zijn door culturele, politieke, sociale en filosofische invloeden uit die tijd. Al gaat het alleen al om het verleggen van de focus. Dat kunnen we zien aan de manier waarop Paulus schreef over seksualiteit. In plaats van dat hij warmte en compassie toonde ten aanzien van het onderwerp en de mensen aanmoedigde om een liefdevolle en ‘geoorloofde’ expressie van seksualiteit na te streven (zoals gebruikelijk was in de Joodse cultuur), focuste hij zich vooral op het potentiële immorele kwaad wat kon ontstaan door seksuele frustratie (Brown, 1988). Doordat zijn benadering toch met name negatief was heeft Paulus vooral een schaduw over het onderwerp seksualiteit geworpen, met een focus op vroeg trouwen zodat men niet bezwijkt onder de druk van seksuele verleidingen en de menselijke zwakte (1 Korintiërs 7:9).

Christine Gudorf, professor filosofie en religie aan Florida International University schreef in 1994 het boek Body, Sex and Pleasure: Reconstructing Christian Sexual Ethics, waarin ze diep ingaat over de onderwerpen die we hebben besproken. Zij constateert dat de maatschappij in een crisis zit over seksualiteit, wat deels komt doordat de kerken verlamd zijn van angst voor het wegstappen van de huidige christelijke seksuele ethiek. Daardoor worden er geen stappen gezet om een verantwoorde seksuele ethiek te ontwikkelen die niet alleen aansluit bij wetenschappelijke inzichten en de ervaringen van mensen, maar die ook beter aansluit bij de belangrijkste waarden die Jezus ons leert in de evangeliën. Ergens kijkt volgens haar de maatschappij toch naar de kerk/het geloof voor morele richting over verschillende thema’s, en ook over seksualiteit aangezien dat ook voor de kerk altijd al een onderwerp is geweest dat hoog op de agenda staat. Ze roept de kerk op om bereid te zijn om de huidige bekende maar ‘onwerkbare’ seksuele ethiek los te laten om zo zichzelf en de maatschappij te verrijken met de zoektocht naar een effectieve morele richting op het gebied van seksualiteit (Gudorf, 1994).

Ik denk dat we niet mogen onderschatten wat de invloed van plaats, tijd en cultuur is op religieuze standpunten. Christenen en kerkleiders doen soms alsof ze normen en waarden prediken die als sinds mensenheugenis hetzelfde zijn terwijl ze sterk onderhevig zijn aan culturele invloeden én persoonlijke interpretaties. Cultuur en persoonlijke vooroordelen zijn als de zuurstof om ons heen; vanzelfsprekend en vrijwel onzichtbaar. Je moet er heel bewust naar op zoek en zelfs dan is het lastig om je er helemaal los van te maken om met nieuwe ogen naar een onderwerp als seksualiteit te kijken. Dat is eng, onwennig en soms vraag je je misschien af of je er wel goed aan doet. Want is het wel zo? Is het nalatenschap van schaamte, angst voor het lichaam en het wantrouwen van verlangens vandaag nog steeds bij ons? Is er misschien wel sprake van geïnternaliseerde superioriteit en minderwaardigheid door de denkbeelden die eeuwenlang mee zijn gegaan? Zijn we ertoe bereid om ons te verdiepen in de dingen die zo normaal voor ons lijken, en in de effecten die het op ons heeft? Om van daaruit misschien wel een veranderingsproces aan te gaan met betrekking tot dit thema?

Wil je hierover meepraten? Mail mij dan of stuur een bericht via Social Media @ourhighnes.nl


Doordat men het lichaam, seksualiteit, verlangen naar connectie en genot, en geleefde menselijke ervaringen niet goed heeft leren begrijpen is het christendom 2000 jaar aan lessen verloren over wat het betekent om onze zintuigen en ons lijf te gebruiken om lief te hebben zoals Jezus: richting onze partners, onze kinderen, onze naasten, hen die moeilijk zijn om van te houden en de schepping.(Brown, 1988 80-2)




Bronnen:
Brown, Peter. 1998. Body and Society: Men, Women, and Sexual Renunciation in Early Christianity. New York, NY: Columbia University Press.
Farley, Margaret A. 2006. Just Love: A Framework for Christian Sexual Ethics. New York, NY: Continuum.
Foucault, Michel. 1978-85. The History of Sexuality, vols. 1-2. Translated by Robert Hurley. New York, NY: Pantheon
Christine E. Gudorf. 1994. Body, Sex, and Pleasure: Reconstructing Christian Sexual Ethics. Cleveland, OH: Pilgrim.
Martin Luther. 1904. Luther on the Creation: A Critical and Devotional Commentary on Genesis (1-3). Translated by John Nicholas Lenker. Minneapolis, MN: Lutherans In All Lands.
Tertullian. Ca. 202 CE. On the Apparel of Women. Translated by S. Thelwall. Christian Classics Ethereal Library. www.ccel.org/ccel/schaff/anf04.iii.iii.i.i.html
Wiesner-Hanks, Merry. 2000. Christianity and Sexuality in the Early Modern World: Regulating Desire, Reforming Practice. New York, NY: Routledge.
Schermer Sellers, T. (2017). Sex, God and the Conservative Church. New York: Routledge

0 replies

Leave a Reply

Want to join the discussion?
Feel free to contribute!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *